Europa probeert nepnieuws tegen te gaan - EU monitor

EU monitor
Saturday, April 4, 2020
calendar

Europa probeert nepnieuws tegen te gaan

Source: Europa Nu.
Afbeelding van nepnieuws

Toegang tot op feiten gebaseerde en kritisch gecontroleerde informatie is essentieel voor een democratie. Nepnieuws, ofwel opzettelijk misleidende informatie, speelt ook in de Europese Unie een steeds grotere rol. Zo lijkt het erop dat nepnieuws een aantal verkiezingen, binnen en buiten de Europese Unieái, heeft be´nvloed. Als reactie hierop besloot de Europese Raad in 2015 om actie te ondernemen. De EU heeft inmiddels een aantal initiatieven genomen die moeten helpen nepnieuws tegen te gaan, maar het grootste deel van de initiatieven in Europa is afkomstig van burgers, bedrijven en media zelf.

Een eerste stap van de kant van de EU was de in 2015 opgerichte East StratCom Task Force, dat als doel had om desinformatie in Oost-Europese landen over Europees beleid tegen te gaan. In het voorjaar van 2018 is een EU-strategie tegen de verspreiding van nepnieuws in de EU uitgebracht. De Commissie wil met deze strategie het belang van goede journalistiek benadrukken. Ook wil ze dat online nieuws een duidelijke afzender heeft, dat burgers getraind worden om informatie en nieuws beter te kunnen beoordelen en ze pleit voor methodes waarop journalisten en gebruikers nepnieuws kunnen aanvechten. Concreet pleitte de Commissie voor een gedragscode voor sociale media en internetplatforms.

In december 2018 publiceerden de gezamenlijke instellingen een 'actieplan tegen desinformatie'. In dat kader kreeg de uitvoerende dienst, de EEAS, in 2019 ook zo'n 50 man nieuw personeel en ruim Ç3 miljoen meer om zijn taken uit te voeren. Dit actieplan wordt nu geŰvalueerd. Daarnaast werd er in oktober 2018 een 'EU Code of Practice on Disinformation', een vrijwillige gedragscode, getekend door verschillende online platforms zoals Facebook, Google en Twitter.

1.

Nepnieuws in Europa

Het doel van nepnieuws is om de lezer te misleiden en op die manier de publieke opinie te be´nvloeden. Er bestaan verschillende vormen van nepnieuws. Zo kan nepnieuws bestaan uit gemanipuleerde berichten over bepaalde maatschappelijke onderwerpen. Ook kan het bestaan uit propaganda van andere staten om verkiezingen te manipuleren of om het vertrouwen in de democratie te verminderen.

Niet alle onjuiste informatie kan worden beschouwd als nepnieuws. Een groep deskundigen heeft nepnieuws gedefinieerd als "valse, onjuiste of misleidende informatie die is opgesteld, weergegeven en verspreid om winst te maken of opzettelijk schade in het publieke domein te veroorzaken." Informatie met illegale inhoud (bijvoorbeeld een oproep tot haat of geweld) wordt niet als nepnieuws bestempeld, omdat dit al verboden is op grond van nationale en Europese wet- en regelgeving. Andersoortige foutieve informatie, zoals fouten van journalisten, het achterwege laten van bepaalde feiten, eenzijdige berichtgeving, of satirische berichten worden niet beschouwd als nepnieuws omdat deze fouten niet als doel zouden hebben om de lezer te misleiden.

2.

Europese maatregelen

De Europese aanpak van nepnieuws staat nog in de kinderschoenen. Er zijn wel wat acties geweest van uit de Europese Commissie, maar een coherente, grootschalige aanpak ontbreekt tot nu toe. Het initiatief om iets aan nepnieuws te doen lijkt vooral bij media en burgers zelf te liggen, zo blijkt uit de aanpak van de EU.

Eind september 2018 bijvoorbeeld maakten de online platforms, sociale mediaplatforms en online adverteerders samen met de Commissie een nieuwe gedragscode bekend: de 'EU Code of Practice on Disinformation'. Bedrijven zullen zich inspannen om de publicatie en verspreiding van nepnieuws op een aantal manieren tegen te gaan. Het is een vrijwillige gedragscode; sancties wanneer het niet lukt nepnieuws te onderscheppen en offline te halen zijn er niet. De Commissie ontvangt maandelijks rapporten van platforms als Google, Facebook en Twitter. In de eerste jaarlijkse evaluatie hiervan concludeerde de Commissie dat de platforms transparanter waren geworden en nauwer waren gaan samenwerken met factcheckers, maar nog meer stappen genomen moesten te worden.

Een ander, op het eerste oog weinig effectief, initiatief was de lancering van een openbare raadplegingái. De Commissie riep verschillende partijen, waaronder burgers, nieuwsorganisaties en overheidsinstanties, op om mee te denken over nepnieuws. De Commissie probeerde hiermee een beeld te krijgen van de omvang van het probleem en de effectiviteit van de getroffen maatregelen. Tot midden februari 2018 was het mogelijk om hiervoor input te leveren. Respondenten identificeerden nepnieuws gericht op het be´nvloeden van verkiezingen en het migratiebeleid als het grootste probleem. Ook bleek dat de respondenten weinig vertrouwen hebben in online platforms en traditionele media als de meest betrouwbare bron van informatie beschouwen. Het is niet duidelijk wat de Europese Commissie met deze informatie gaat doen.

Europese Dienst voor Extern Optreden (EEAS)

Het orgaan dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van de Europese plannen om nepnieuws te bestrijden is de Europese Dienst voor Extern Optreden (EEASái). Binnen de organisatie is er een speciale eenheid opgericht voor 'strategische communicatie' die verantwoordelijk is voor de uitvoering van het beleid. Het budget van de EEAS is daarnaast ook flink uitgebreid: van 1.9 miljoen euro in 2018 naar 5 miljoen euro in 2019.

3.

Voorbeelden

Europese Verkiezingen

Ondanks verschillende actieplannen, heeft er tijdens de Europese verkiezingen van 2019 een flinke stroom aan nepnieuws plaatsgevonden. Vanuit Rusland is geprobeerd de verkiezingsuitslag te be´nvloeden en de opkomst te beperken. In de maanden voor de verkiezingen registreerde de EU-taskforce 998 gevallen van desinformatie vanuit Russische bronnen.

Coronavirus

Tijdens de coronacrisis is er ook een flinke stroom aan nepnieuws gekomen. Deze waren voornamelijk afkomstig uit Rusland en China en gericht aan Zuid-Europese landen, waar het virus zich sterk verspreidde. East Stratcom meldde in maart 2020 dat er sinds eind januari 2020 meer dan 150 meldingen van desinformatie afkomstig van pro-Kremlin groeperingen waren. China en Rusland probeerden vooral om het Europese antwoord op het virus te verstoren. Zo promootten zij onder andere berichten dat alleen Moskou en Beijing een goede strategie hadden om het coronavirus te bestrijden en dat de EU niets deed aan het bestrijden van het pandemie.

Nederland en nepnieuws

Het kabinet heeft aangegeven dat er ook in Nederland voorbeelden zijn van nepnieuws, bijvoorbeeld omtrent de MH-17 en het Oekra´ne-referendumái. De regering noemt hierbij expliciet de rol van Rusland. Buitenlandse be´nvloeding als gevolg van nepnieuws is ook door de AIVD (Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst) en het NCSC (Nationaal Cyber Security Centrum) als probleem ge´dentificeerd.

4.

Meer informatie